Ambt M/V: Besluit en gronden (1)

In deze blog een eerste stap in de duiding en waardering van de besluiten over ‘M/V en ambt’ die de GS Meppel nam op 15/16 en 29 juni 2017. De officiële tekst, met een toelichtende brief aan alle kerken, is hier te vinden.

Gevoelig

Wanneer ik aan een bespreking van besluit en gronden begin, weet ik dat dit op verschillende manieren gevoelig ligt. Op voorhand had de beslissing over het al dan niet openstellen van ambten voor zusters in de kerk al een behoorlijke lading gekregen. Dit blijkt opnieuw uit de reacties nu de besluiten genomen zijn. Voor sommigen voelt het als een bevrijding, na een jarenlange strijd tegen onrecht en uitsluiting. Anderen zijn geschokt omdat zij het gevoel krijgen dat de Bijbelse lijn wordt verlaten. Het is een hele opgave om in die tegenstrijdige en soms verwarrende gevoelens elkaar in het oog en in het hart te houden. Maar al te snel koesteren we ons eigen – nieuwe of oude – gelijk, en sluiten we de ander buiten. Bij wat ik schrijf is het mijn oprecht verlangen dat juist in het zuiver omgaan met verschillende opvattingen de eenheid in Christus zich zal bewijzen. Lees verder

Hoe nu verder in de GKv?

Samen met collega-predikanten Bart van Egmond (Capelle aan den IJssel-Noord) en Henk Room (Soest-Baarn) schreef ik een ingezonden brief naar aanleiding van de synodebesluiten over M/V en ambt. Het ingezonden werd geplaatst in het RD van 4 juli.

Hieronder geef ik de volledige tekst, nu voorzien van de titel die wij er oorspronkelijk boven hadden gezet:

Hoe nu verder in de GKv?

De generale synode van de Gereformeerde Kerken vrijgemaakt (GKv) besloot twee weken geleden de ambten van ouderling en predikant open te stellen voor vrouwen. Velen hebben deze beslissing met blijdschap begroet. Wij zijn er niet blij mee.

Op dit moment zijn de complete besluitteksten met de gronden nog niet vrijgegeven door de synode. [NB: in de loop van 4 juli 2017 werden en besluitteksten gepubliceerd. Zoals aangekondigd zal ik er in de nabije toekomst meer inhoudelijk over schrijven.] Dat beperkt het inhoudelijke gesprek over wat deze stap nu precies betekent. Bij ons komt naar aanleiding van de bespreking op de synode al wel de vraag op: als voor en tegen zo duidelijk uit elkaar liggen, waarom is dan op deze manier en in dit tempo een beslissing geforceerd?

Wij bemerken veel verdriet en verwarring in de kerken. We horen van collega-predikanten die zich afvragen of ze op hun post kunnen blijven. Moet je kleur bekennen of liever, ter wille van de vrede, je overtuiging inslikken? Gemeenteleden staan al met de deurkruk in de hand om elders hun heil te zoeken. Lees verder

Theologie aan de universiteit

Op 23 mei was ik te gast bij studenten van S.S.R.-N.U. aan de Oudegracht 32 in Utrecht voor een gespreksavond. De aanleiding voor dit gesprek was een vraag rond de vorming van de GTU (Gereformeerde Theologische Universiteit): moet die naar Utrecht komen? Wat kan dan de bredere betekenis zijn voor christelijke studenten?

In dit verhaal doe ik een paar stappen terug, om de vraag in een breder kader te plaatsen: Welke plek heeft de theologie aan de universiteit (gehad)? Hoe heeft zich dat in de afgelopen eeuwen ontwikkeld? Welke vragen zitten daaraan vast?

Het begint in de Middeleeuwen. Die periode (ca. 700 – 1500) is niet zo ‘duister’ als soms wel eens gedacht wordt. Vanaf ca. 1100 komt op diverse plaatsen in Europa de universiteit tot ontwikkeling, en dat is een van de belangrijkste cadeaus die de christelijke Middeleeuwen aan ons doorgegeven hebben. Letterlijk en basaal is de universiteit een universitas doctorum ac studiosorum: een werkgemeenschap van docenten en studenten. Dat is nog altijd de kern van de universiteit, en de beslissende voorwaarde voor haar rol als draagster van de cultuur. Lees verder

Gereformeerde identiteit: uit de tijd? (3)

Gereformeerde identiteit: waar staan we nu, en wat kunnen we ermee? Uit mijn verhaal tot nu toe kun je opmaken dat ik ‘gereformeerd’ zie als aanduiding van een flexibele traditie. Daarin spelen een aantal constante overtuigingen en inzichten een rol, die in telkens nieuwe contexten kunnen worden ingezet. We zijn begonnen bij de gereformeerde confessies uit de 16e eeuw. Dat zijn oude documenten waarin je nog steeds de hoofdpunten van je eigen geloof kunt herkennen, en die dus een vruchtbare basis vormen om over ‘gereformeerde identiteit vandaag’ na te denken. We hebben iets gezien van hoe dit gereformeerde gedachtegoed zich over verschillende sporen ontwikkeld heeft, in wisselwerking met de grote maatschappelijke en culturele ontwikkelingen van de laatste 400 jaar.

Voor dit laatste onderdeel stel ik voor om over een soort ‘gereformeerd DNA’ te spreken. Het biologische DNA kun je aanduiden met de vier letters ATGC (vraag me niet waar die voor staan). DNAUit de combinaties van deze vier letters ontwikkelt zich alle leven, en elk organisme is aan het specifieke DNA te herkennen. Zoiets zie ik ook bij de ‘gereformeerde identiteit’. Lees verder

Gereformeerde identiteit: uit de tijd? (2)

In de vorige aflevering liet ik vanuit de 16e eeuwse confessies zien waar het gereformeerde geloof in grote lijnen voor staat:

  • een hartelijk geloof in God de Drie-enige en in Jezus Christus als de enige Verlosser;
  • een besliste aanvaarding van de Heilige Schrift als het gezaghebbend Woord van God;
  • een doorleefde verwoording van de weg die God met ons gaat in zijn genadige vrijspraak en in de vernieuwing van ons leven;
  • een centrale plek in ons geloofsleven voor de verkondiging van het Woord en de sacramenten;
  • een realistische kijk op de structuren die nodig zijn om het leven van kerk en wereld te ordenen voor het doel dat God ermee heeft.

In deze hoofdpunten samengevat is het een geloof waar je ook vandaag als christen je in kunt herkennen.

Maar gaat dat zomaar, over 450 jaar heen springen en zeggen: wij zijn gereformeerd? Er is toch in tussentijd wel het nodige gebeurd?

Als we over ‘identiteit’ spreken, dan is die identiteit per definitie contextueel. Het gaat om gereformeerd zijn op déze plaats en in déze tijd. Ga voor de aardigheid eens op vakantie naar Hongarije en bezoek daar een dienst in de Hongaarse Gereformeerde Kerk. De Psalmen klinken er op dezelfde Geneefse wijzen, maar wat doen ze in zo’n andere setting? Als je naast de Psalmen de eigen Hongaarse geestelijke liederen hoort, merk je dat dan een heel andere gevoelslaag wordt aangeboord. Lees verder

Gereformeerde identiteit: uit de tijd? (1)                                         

Op 6 april 2017 hield ik een lezing voor de Groningse studentenverenigingen GSVG en Yir’at ‘Adonay. Vanuit twee ietwat verschillende tradities (vrijgemaakt-gereformeerd en bevindelijk-gereformeerd) zijn deze verenigingen bezig om samen te verkennen hoe zij in deze tijd vooruit kunnen met de ‘gereformeerde identiteit’. Wat is onderscheidend en verbindend, en hoe spreek je daarmee christelijke (aspirant-)studenten aan?

Mijn verhaal zal vooral gaan over wat het label ‘gereformeerd’ inhoudt en wat je daarmee kunt. We hebben in de voorbereiding afgesproken dat ik het niet zou hebben over de formele, organisatorische kant van identiteit: hoe je als vereniging omgaat met je grondslag, toelatingsbeleid etc.

Meervoudige identiteit

Identiteit in meervoud

Het gaat me om het historische en inhoudelijke verhaal daarachter. Wanneer ik over ‘gereformeerd’ spreek, dan bedoel ik daarmee ‘gereformeerd geloof’ als combinatie van overtuiging en spiritualiteit. Mijn insteek is daarbij vooral theologisch, want dat is mijn vak.

Gereformeerde identiteit: uit de tijd? Daarbij stel ik de vervolgvraag: uit welke tijd? We komen dan terecht in de 16e eeuw, want dat is de tijd waarin de gereformeerde identiteit voor het eerst vorm gekregen heeft. Lees verder

M/V en onze omgang met de Bijbel

Op basis van eerdere blogposts én een verhaal dat ik in februari/maart op enkele plaatsen gehouden heb, schreef ik een artikel voor Nader Bekeken over de samenhang tussen het vraagstuk ‘M/V en ambt’ en onze omgang met (het gezag van) de Bijbel. Het artikel verscheen vorige week in het maartnummer. Wie geen abonnee is, kan het hier gratis lezen!

Een cultuurbepaalde lijn — of is er meer aan de hand? Paulus, Petrus en Jezus over de positie van vrouwen in het deputatenrapport Samen dienen

 

Wolter Rose

25 januari 2017

In een eerste gastblog heb ik vragen gesteld bij de manier waarop het rapport Samen dienen van de deputaten “M/V en ambt” het onderscheid tussen beschrijvende teksten en voorschrijvende teksten hanteert. In dit tweede gastblog zet ik kanttekeningen bij het gebruik van typeringen als “cultuurbepaalde lijn” en “patriarchale cultuur”.

Een “cultuurbepaalde” lijn

Het rapport worstelt met het “‘probleemloos’” voortbestaan tot in het Nieuwe Testament van wat het rapport noemt de “cultuurbepaalde” lijn van ondergeschiktheid van vrouwen aan mannen. De manier waarop die worsteling zich voltrekt, versterkte mij in mijn overtuiging dat we met deze typering in het rapport (“de “cultuurbepaalde” lijn van ondergeschiktheid van vrouwen aan mannen”) bij de kern van het probleem zitten.

Idealist Fallacy

In de eerste plaats is de tegenstelling die het rapport maakt tussen de apostelen aan de ene kant en Jezus aan de andere kant kunstmatig. Wanneer je bij Jezus alleen maar de genadige of maatschappijkritische lijn in de zin zoals door het rapport bedoeld meent aan te treffen, dan maak je je naar mijn mening schuldig aan wat John Elliott noemt de “idealist fallacy”: de redeneerfout van het toeschrijven van een bepaald ideaal of ideologie, in dit geval een modern westers gelijkheidsideaal, aan een cultuur die wezenlijk anders is dan je eigen cultuur, in dit geval een antieke beschaving van tweeduizend jaar geleden.

Dat er bij Jezus uitsluitend sprake is van wederkerigheid in de man-vrouw verhouding kun je overigens alleen maar volhouden wanneer je voorbijgaat aan het feit dat Jezus alleen mannelijke apostelen koos en aanstelde. Lees verder

Bijbellezers en bijbelschrijvers: Beschrijvende en voorschrijvende teksten in het deputatenrapport Samen dienen

Wolter Rose

25 januari 2017

Het rapport Samen dienen van de deputaten “M/V en ambt” dat op tafel ligt van de Generale Synode van de Gereformeerde Kerken Meppel 2017 komt met de aanbeveling alle ambten open te stellen voor vrouwen. Wat deze aanbeveling bijzonder maakt is dat het deputaatschap unaniem is, anders dan het deputatenrapport uit 2014 dat een meerderheids- en een minderheidsstandpunt bevatte.

Het kost niet veel moeite passages uit het rapport te citeren waar ik het helemaal mee eens ben. Ik citeer er één (24):

Wanneer de bredere exegetische lijnen in de Bijbel worden bestudeerd, wordt duidelijk dat in de Bijbel vrouwen en mannen wel gelijkwaardig, maar niet gelijk zijn. God geeft de man een koppositie en de vrouw krijgt een positie waarin ze dat vooropgaan moet accepteren. Zo is er sprake van vrijwillige wederzijdse dienstbaarheid. De Bijbel laat ook steeds weer zien dat we daarin als mensen fouten maken. God geeft, daar waar de zonde heeft geleid tot onderdrukking en overheersing, de vrouw bescherming, recht en een positie. Dat wijst op een gezamenlijke verantwoordelijkheid die man en vrouw moeten nemen waarin ieder een eigen rol en taak heeft.

Toch hebben het rapport en de uiteindelijke conclusies en aanbevelingen mij niet kunnen overtuigen. Ik dank Dolf te Velde voor de gelegenheid om in een korte serie van twee gastblogs uit te leggen waarom. Voor alle duidelijkheid: ik pretendeer niet dat ik op alle vragen een antwoord heb. Het is ook voor mij een worsteling recht te doen aan de diversiteit van gegevens die zich niet eenvoudig in een alle problemen oplossende reconstructie laten voegen.

In dit eerste gastblog stel ik vragen bij de manier waarop het rapport het onderscheid tussen voorschrijvende teksten en beschrijvende teksten hanteert. In een tweede gastblog zet ik kanttekeningen bij het gebruik van typeringen als “cultuurbepaalde lijn” en “patriarchale cultuur”. Lees verder

Ambt M/V: Is er een weg terug?

De vorige blog sloot ik af met de vraag: “Is er een weg terug?” Kunnen we op een zinnige manier uit het vraagstuk ‘M/V en ambt’ komen zonder dat daarmee de aanvaarding van het gezag van de bijbel op het spel staat?

Een paar opties die in gedachten komen:

  • Als we een inhoudelijke hermeneutiek ontwikkelen op basis van de grote lijnen van het evangelie, misschien lukt het dan om alle gegevens en aanwijzingen zo te plaatsen dat ze elkaar niet tegenspreken maar harmoniëren in de grote beweging die God maakt van de eerste schepping naar een nieuwe wereld. Deze oplossing is bijvoorbeeld geopperd door Hans Burger in zijn theologenblog “Kunnen we nog iets met de Bijbel?” Ook in het deputatenrapport “Samen dienen: M/V en ambt” speelt deze lijn een belangrijke rol.
  • Als we de kwestie van ‘vrouw in het ambt’ reduceren tot een praktische, kerkordelijke kwestie, dan kunnen we met de wijsheid van vandaag een weg zoeken. Vooronderstelling bij deze route is wel dat de inrichting van de ambten en de inschakeling van mannen en/of vrouwen tot onze christelijke vrijheid behoort.
  • In plaats van reduceren kunnen we ook de visie op de Schrift uitbreiden naar de gedachte dat sowieso de heilige Geest verder gaat in het leiden van de kerk, en dat daarin nieuw terrein betreden kan worden. Theologisch gezien is dit de meest verstrekkende optie. Hij wordt wel naar voren gebracht in het kader van ‘theodramatiek’: God openbaart zich live op het wereldtoneel, in een aantal opeenvolgende aktes. Wij zitten nu in een akte die volgt op het tijdvak van het Nieuwe Testament, en daarom moeten wij door-improviseren op de in de bijbel aangereikte thema’s.[1]

Bij elk van deze pogingen om het thema ‘M/V en ambt’ los te koppelen van de vraag naar het Schriftgezag plaats ik een paar kanttekeningen.

De eerstgenoemde mogelijkheid biedt wat mij betreft het meeste perspectief. Lees verder